ÿþ<!DOCTYPE HTML PUBLIC "-//W3C//DTD HTML 4.01 Transitional//EN" "http://www.w3.org/TR/html4/loose.dtd"> <html lang="nl"> <head> <meta http-equiv="Content-Language" content="nl"> <meta http-equiv="content-type" content="text/html; charset=ISO-8859-1"> <meta name="description" content="Aankoop Loonse en Drunense Duinen. "> <title>Aankoop Loonse en Drunense Duinen door Natuurmonumenten. Aflevering 2. Aankoop Kraanvense Heide, Nieuwe Warande en Efteling van Mombers.</title> </head> <body><body leftmargin="180"><body rightmargin="280"> <br> <h1>Aankoop Loonse en Drunense Duinen door Natuurmonumenten</h1><h2>Aflevering 2. Aankoop Kraanvense Heide, Nieuwe Warande en Efteling van Mombers</h2><h3> <I>Jan van Iersel</I> </h3> <p>Kort na de verwerving van het landgoed Westloon zocht een Waalwijkse grootgrondbezitter contact met de Vereniging. Zijn naam was Franciscus Josephus Lambertus Mombers. Hij was afkomstig uit een looiersgeslacht. Nadat de looierij was overgenomen door zijn oudere broer Petrus, hield Frans Mombers zich vooral bezig met beleggingen en beheer van onroerend goed, zoals aankoop, ontwikkeling en beheer van bos- en heidegronden en het verpachten van landbouwgronden. In het Kadaster had men de oorspronkelijke beroepsaanduiding 'leerlooier' doorgehaald en er - al even kort en krachtig - 'rentenier' boven geschreven. Mombers kocht natuur- en cultuurgronden op van landbouwers uit de omgeving en van leerlooiers, houthandelaren en andere kleine kooplieden en boseigenaren, maar daarnaast van een andere grootgrondbezitter uit zijn woonplaats, de Mij. Noord-Braband, een levensverzekeringsbedrijf. Zijn eerste aankopen deed hij in 1912, rond zijn dertigste, de meeste dateren echter van na de aanvang van de verwerving van de zandverstuivingsgebieden door Natuurmonumenten in 1921/22.<br><br> Mombers aan Natuurmonumenten, Waalwijk 18 november 1925:<br><br> 'Naar ik verneem heeft uwe Mij. Westloon gekocht. Mag ik u vriendelijk verzoeken mij een jachtvergunning te geven om aldaar in gezelschap te jagen. Tevens maak ik u beleefd opmerkzaam, dat Westloon voor een groot deel door mijnen eigendom begrensd wordt. Zou het uw verlangen zijn aaneengesloten complexen te vormen, zoo kunnen wij ter plaatse een en ander bij gelegenheid wel eens opnemen, hoe dit door ruiling of verkoop tot stand te brengen.' <br><br> Mombers aan Natuurmonumenten, Waalwijk 14 december 1925:<br><br> 'Uw boekje 1 op de 1000 heb ik met aandacht gelezen. Het doel van uwe vereeniging was mij onbekend en dit zal met vele anderen dan ook wel de oorzaak zijn, dat er betrekkelijk weinigen iets doen, mede te helpen om in de toekomst een blijvend boschbezit te verzekeren. Laat ik daarom u kort en zakelijk zeggen, wat mij betreft ben ik wel genegen U in de gelegenheid te stellen mijne bezittingen onder de gemeente Loonopzand aan uwe vereeniging te verkoopen. <br> Ik ben eventueel bereid mijnheer Moorman overeenkomstig bijgaande kaartjes ter plaatse aanwijzing te doen. Mijnen eigendom aldaar bedraagt 112 hectaren. (...) Gaarne ontving ik hieromtrent nader bericht, te meer om rede een naburige gemeente mij een aanvrage heeft gedaan een complex gronden aldaar te verkoopen om deze met rijkssubsidie te bebosschen (...).'<br><br> Op 23 december 1925 hadden twee boswachters van Natuurmonumenten op het pas verworven landgoed Westloon een afspraak met Frans Mombers. De twee medewerkers - A. Verhoeven van Kampina en J. Moorman uit Oisterwijk - verrichtten in de jaren twintig regelmatig aankoop- en beheerwerkzaamheden in de Loonse en Drunense Duinen, totdat in 1929 ook voor dat gebied een zelfstandig boswachter werd aangesteld: Jan Peijnenburg. Verhoeven berichtte over zijn eerste contact: 'De heer Mombers uit Waalwijk troffen wij op het aangegeven uur bij de schuur op Westloon aan, hij heeft ons die perceelen aangewezen, maar een taxatie maken in zijn bijzijn ging niet, de tijd was ook te kort om alles nog die middag te taxeeren. (...) De heer Mombers wil, of enkele perceelen van hem die in Westloon zijn gelegen ruilen tegen enkele perceelen van Westloon gelegen tegen den weg Waalwijk - Tilburg, of al de perceelen die hij opgaf verkoopen'. Het betrof tientallen percelen, tezamen ongeveer 51 ha groot, plaatselijk genaamd Kraanvense Heide en Nieuwe Warande. Ook Mombers zelf stuurde na dit eerste contact ter plaatse een brief naar Amsterdam.<br><br> Mombers aan Natuurmonumenten, Waalwijk 24 december 1925: <br><br> 'Ik heb een en ander nagerekend en kom tot de slotsom dat ik voor de vijftig hectaren zooals op de kaart vermeld den prijs stel van twintig duizend gulden. Neem alleen maar eens de plantage langs den weg, zooals u gezien hebt is dit puiken grond, het geheel is deskundig bewerkt en aangelegd, het plantsoen is van de 1ste kwaliteit, het werk is gedaan, het behoeft alleen maar te groeien en dit doet het welig. 't Beloofd heel wat voor de toekomst en voor een vereeniging als het Behoud van natuurmonumenten behoeft men niet te kortzichtig in de toekomst te zien, nemen we dan alleen nog maar de plantage van b.v. 1 hectare wat de opbrengsten zijn over een omloop van 60 jaar. Met zulke mast is het te verwachten dat de diverse dunningen niet alleen den arbeid en renteverlies dekt, maar na het 20ste jaar nog een netto winstje overblijft. (...) Verder is den aankoop van De nieuwe Warande ook eene moreele aanwinst voor uwe vereeniging. Vanwege zijne mooie ligging past het zich geheel aan en verhoogt niet weinig uwe reeds bestaande bezittingen aldaar. Wees zoo goed dit aan uwe directie mede te deelen. Deze aanbieding is vrijblijvend.' <br><br> Natuurmonumenten hapte niet meteen toe. De volgende stap kwam weer van Mombers. Hij vroeg of Moorman niet eens op de fiets naar Loon kon komen, zodat hij in een uurtje rondkijken een juister oordeel kon krijgen 'dan met tienmaal te schrijven. Maar om de stichting van een natuurpark te verwezenlijken is het beste gewoonweg de heele massa te nemen, dan zijt u de meester.' Vervolgens was er, terwijl Mombers de spit- en beplantingswerkzaamheden op zijn bezit gewoon voortzette, maandenlang geen contact meer. <br><br> Mombers aan Natuurmonumenten, Waalwijk 4 mei 1926: <br><br> 'Daar de werkzaamheden op mijne plantage onder Loonopzand thans beëindigd zijn, zoo was het nu de geschikte tijd om diverse gronden eens samen te bezien. Ik zal u dan in de gelegenheid stellen om precies die perceelen te ruilen of aan te koopen welke u bizonder gelegen liggen en wel tegen geschikte voorwaarden. Ik heb nog gelegenheid gehad een bij uitstek schoon perceel te koopen. (...)'<br><br> Pas nadat sinds de eerste briefwisseling meer dan een half jaar was verstreken, brachten de bestuursleden Van Tienhoven en Thijsse een bezoek aan Loon op Zand om het bezit van Mombers, in diens aanwezigheid, op te nemen. Maar toen het eenmaal zo ver was, wisten partijen elkaar snel te vinden. Van Tienhoven besloot ter plekke het door Mombers aangekochte 'bij uitstek schoon perceel' - gelegen in Westloon - over te nemen. Daarmee was de eerste transactie tussen Mombers en Natuurmonumenten een feit. Over de aankoop van het grote complex van Mombers zelf sloten partijen een principeovereenkomst. Van Tienhoven bevestigde een en ander per brief gericht aan de 'Hooggeachte Heer Mombers'.<br><br> Van Tienhoven aan Mombers, Amsterdam 23 juli 1926:<br><br> 'Het heeft mij genoegen gedaan om l.l. Woensdag met U kennis te maken en onder Uw leiding nog beter te beseffen, welk een schoonheid het Brabantsche landschap biedt, indien natuurliefde de leidster is der aanplantingen en oordeelkundig beheer. Niet het minst heb ik gewaardeerd in U een natuurvriend te hebben gevonden en een vriend van onze Vereeniging en volgens belofte bevestig ik U de overname van het terreintje Sectie D No. 1332 voor de somma van ’ 1700,-, welk perceel onlangs door U werd aangekocht van den heer P. Beunis te Loon op Zand. (...)<br> Thans het tweede, nog belangrijker deel van onze afspraak. Met genoegen vernamen wij, dat U bereid zijt de ongeveer 51 H.A. van Uw bezit tusschen en naast Westloon gelegen aan onze Vereeniging wilt overdoen voor de somma van ’ 20.000,-, welke koop ik zal bevorderen na overleg gepleegd te hebben met enkele Bestuurderen. Mag ik van U vernemen, of U bereid zijt om de koop te laten geschieden op deze voorwaarden, dat ’ 10.000,- cash betaald wordt en ’ 10.000,- door een schuldbekentenis van onze Vereeniging, rentende 3% met jaarlijksche aflossingen van één vijfde gedeelte of ’ 2000,-. (...).' <br><br> Uit de verdere briefwisseling blijkt dat zakenman Mombers in de veronderstelling verkeerde dat de verdere afwikkeling van de transacties door de Vereniging vlot en zonder formaliteiten zou plaatsvinden. Hij had er moeite mee dat aankopen door het bestuur moesten worden goedgekeurd, eerst nog de nodige gelden moesten worden gevonden, dikwijls een nauwkeurige terreinverkenning nodig was om precies in kaart te brengen wat de Vereniging kocht, de eigendomsregistratie gecontroleerd moest worden bij het Kadaster, de notaris de overdracht moest voorbereiden, enzovoorts, enzovoorts en - vooral - dat met een en ander vrij veel tijd gemoeid kon zijn. Zakenman Mombers hield niet van getreuzel en administratieve omslag. Daar kwam nog bij dat hij weinig voelde voor de suggestie van Van Tienhoven om de helft van de koopsom in termijnen af te lossen. <br><br> Mombers aan Natuurmonumenten, Waalwijk 6 augustus 1926: <br><br> 'Ik meen bewijzen gegeven te hebben altijd voor u klaar te staan om direct te verschaffen hetgeen noodig is, maar verzoek u beleefd mij niet lastig te vallen met hetgeen overbodig is. Te veel schaadt en doet afbreuk aan den goeden gang van zaken. Summum jus, summa injuria. [Het hoogste recht is het hoogste onrecht. Bij het precies volgen van de regels loopt men het gevaar onrecht te doen in plaats van recht.] (...)<br> Wat den verderen inhoud van uw schrijven zoo ben ik bereid iederen dag aanwijzing te doen. Het is in uw eigen belang de zaken vlot worden afgewerkt, maar dan zou het wenschelijk zijn u een dagje overkomt. U maakt dan maar een lijstje klaar van alles wat u weten wilt en kunnen dan alles rustig bespreken en hebt u van alles een klare voorstelling. Hiermede komt u ineens veel verder dan al die correspondentie. Het zou goed zijn mijne brieven dan ook mee te brengen. Ik ben van goeden wil u in deze behulpzaam te zijn en heb u vrijblijvend eenen schoonen eigendom ten verkoop aangeboden. U moet echter wel weten, dat er meer actie in de hei is dan u misschien wel denkt en het dikwijls verschuiven en uitstellen van uwe besluiten voor mij niet aangenaam is. <br> De oppervlakte is te groot, dan dat er van tijd tot tijd geen veranderingen zouden komen, er worden veel werkzaamheden verricht en alles staat zeer welig te groeien en vermeerdert dus ieder jaar in waarde. Als u even nadenkt dat het groot aantal perceelen aan weerszijden v/d prov. weg wel aan 200 personen toebehoorde, en gedeeltelijk nog, en welk gemak het voor u is ten slotte maar met een persoon de zaken te kunnen behandelen. In afwachting van uwe verdere mededeelingen.' <br><br> Van Tienhoven aan Mombers, Amsterdam 7 augustus 1926:<br><br> 'Zoo juist ontving ik Uw schrijven van 6 dezer en acht de verwijten, daarin aan mij gemaakt, toch heusch onrechtvaardig. U hebt zich werkelijk niet te beklagen over mijn voortvarendheid om de zaak af te willen wikkelen, al kan ik er in komen, dat u een oogenblik teleurgesteld waart met het verzoek in mijn vorig schrijven gedaan, dat echter geheel uitging van den notaris, die de acte moet opmaken. (...) Natuurlijk zou ik niets liever willen om mij persoonlijk te komen op de hoogte te stellen, doch helaas is niet ieder, zooals U, een meester van zijn tijd en mijn bezigheden zijn zoodanig, dat ik er niet naar verkiezing kan uitbreken en zelfs moeite heb om het dagelijksche werk af te maken. Ik had u gaarne getelefoneerd om U een en ander duidelijk te maken, maar kan niet vinden onder welk nummer ik U bereiken kan. (...)'<br><br> Mombers aan Natuurmonumenten, Waalwijk 30 augustus 1926: <br><br> 'Naar aanleiding v/uw schrijven do 23 Juli l.l. waarin U mededeelt het uwe vereeniging zeer te stade zou komen indien er slechts ’ 10.000 cash betaald behoeft te worden, zoo zal ik overeenkomstig deze wijziging van betaling, eene wijziging i/den verkoop der perceelen brengen. En wel in dier voege dat U in hoofdzaak tóch eigenaar wordt der bezitting de Nieuwe Warande, welke uit een oogpunt van natuurschoon het eerst in aanmerking komt. Hiervan inliggend kadastraal uittreksel en zoudt u ontvangen 25.03.10 hectaren à ’ 400,- p.h. = ’ 10.000,-.' (...)<br> 'Eene kleinere zekere zaak, die momenteel de finantieele draagkracht der vereeniging niet te boven gaat, zal ook ongetwijfdeld door uw Bestuur worden goedgekeurd. Is het volgend jaar de kas weer wat rooskleuriger, zoo ben ik bereid daarover opnieuw in onderhandeling te treden, met dien verstande mijn aanbod vrijblijvend is.'<br><br> Mombers aan Natuurmonumenten, Waalwijk 2 september 1926: <br><br> 'Mijne aangeteekend schrijven do 30 Aug. l.l. heeft ten doel wanneer er voor de 51 h.a. finantieel bezwaar bij het Bestuur zou bestaan, U in de gelegenheid te stellen, tóch eene schoone aanwinst te kunnen boeken. Evenwel blijft den grooten koop van 21 Juli gehandhaaft (mits goedkeuring der Bestuurderen) tot 15 Sept. e.k. en dit zou voorzeker als "belangrijke aanwinst" voor uwe vereeniging worden opgeteekend. (...)<br> U moet verder voor oogen houden dat in het algemeen gesproken, ik naar best vermogen en tergoedertrouw handel. Wanneer men vroeger of in de toekomst aan een of andere grens wetend of onwetend gaat morrelen, daar kan ik niet voor instaan, dat kunnen al uwe opzichters te zamen ook niet met uwen reeds bestaanden eigendom, omreden de oppervlakten te uitgestrekt zijn. In afwachting v/uw bericht.' <br><br> Van Tienhoven aan Mombers, Amsterdam 3 september 1926:<br><br> 'Ik hoef U niet nader te verklaren, wat de reden is, dat de zaak, die wij tezamen einde Juli bespraken, zoo lang heeft getraineerd. Ik heb U direct gezegd, dat de zomermaanden een bijzonder moeilijke tijd zijn om ons Bestuur te raadplegen en daarenboven zijn de droevige omstandigheden wegens de ziekte en het overlijden van mijn vriend de moeilijkheden komen vermeerderen, zoodat er tot nu toe geen gelegenheid voor mij bestond om U definitief uitsluitsel te geven.<br> Het doet mij echter genoegen U te kunnen mededeelen, dat wij in principe bereid zijn het voorstel tot overname van Uw terreinen ruim 51 HA. als aangewezen en verder volgens de gegevens, door U ons verschaft, over te nemen voor een prijs van ’ 20.000,-, U bij de overdracht te betalen, welke overdracht kan geschieden op nader aan te geven datum op 1 November e.k. Het Bestuur meent evenwel, dat door U ongedaan moet worden gemaakt de reeds geschiede verkoop van het bouwterreintje, U bekend, en dat dit gevoegd moet worden bij het terrein en aan ons terzelfder tijd overgedragen. U ziet, de goede wil is er nog steeds en het is mij een genoegen, dat onze onderhandelingen thans tot eenig resultaat hebben geleid.<br> Wij verzoeken U, als het kan spoedig, ons mede te deelen, of U met dit voorstel accoord gaat en wij geven U dan de verzekering, dat, als er geen kleine moeilijkheden voor de overdracht rijzen, wij trachten zullen zoo spoedig mogelijk den koop af te sluiten, eventueel reeds deze maand of in het begin der volgende.'<br><br> Terwijl deze omvangrijke transactie van 51 ha bestuurlijk nog niet rond was, sprak Van Tienhoven met Mombers af dat deze - naast zijn aankoopactiviteiten voor eigen rekening - zich ook bezig zou gaan houden met de aankoop van terreinen voor Natuurmonumenten. Bij de aankoop van een perceel door Mombers waren er voortaan twee mogelijkheden: hij kocht voor eigen rekening als geldbelegging of hij kocht als tussenpersoon voor de Vereniging Natuurmonumenten. Daarbij bestond de mogelijkheid dat Mombers bij een aankoop nog niet wist of hij het perceel kwijt kon aan Natuurmonumenten, zoals blijkt uit zijn brief van 4 september 1926. Daarin deelde hij mee dat hij een perceel mast en hei van 1 ha kon kopen ten oosten van de provinciale weg (Tilburg-Loon op Zand-Waalwijk) 'een beetje ten noorden van den ingang van Westloon'. Hij zou aan de notaris doorgeven nog acht dagen te wachten met het op zijn naam te zetten. 'U kunt mij dan intusschen melden of u kooper zijt tegen den zelfden prijs tegen de voorwaarden u in mijn vorig schrijven genoemd.'<br> Uit een volgende brief blijkt dat Mombers meteen volop aan de slag is gegaan om het bezit van Natuurmonumenten in de Loonse en Drunense Duinen uit te breiden.<br><br> Mombers aan Verhoeven, Waalwijk 14 september 1926: <br><br> 'Bij uw laatste bezoek 19 Aug. l.l. waren we afgesproken, ik zou trachten over eenige zaken te onderhandelen. Vooreerst dan het bouwterreintje, daar ben ik in geslaagd dit terug te koopen. [Volgt verslag van zijn andere aankoopactiviteiten.] Zooals U ziet bereik ik metterdaad de gewenschte resultaten. (...)<br> Ik schrijf u dit om u te laten zien dat het zeer gewenscht u even overkomt om de zaken goed af te handelen. U zult inzien, dat het niet aangaat dat allemaal schriftelijk te doen. Ook had ik gaarne dat u meebrengt hetgeen noodig is, om mij aan te toonen op welke manier u de overdracht der perceelen regelt. Gaarne had ik spoedig antwoord daar ik weer nieuwe zaken onderhanden heb. <br> Mr van Tienhoven heeft me wel gevraagd om voor den verderen aankoop van perceelen van en bij Westloon te zorgen, maar zou in dezen ook gaarne op een standpunt staan dat ik precies weet waaraan of waaraf, zooals men dat hier zegt. Vooraf een goed accoord is een zachte scheiding, niet waar en daarom is het noodzakelijk wij elkaar nog eens ter plaatse spreken.' <br><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 17 september 1926: <br><br> 'Van Uw mededeeling, de betaling bij de overdracht zal geschieden nam ik goede nota, alsmede deze op een nader aan te geven datum vóór 1 November e.k. te doen geschieden, vind ik goed. Dat een en ander het best in Amsterdam kan plaatshebben, accoord, ik zal dan wel even overkomen. (...)<br> Wees er van overtuigd vriend, dat ik mij iederen dag meer moeite geef om metterdaad tot goede resultaten te komen, dan de enkele tastbare feiten die tot u doordringen. Zooals U verder zien zult zijn de akten in eenvoudige duidelijke zinnen beschreven, zoodat den inhoud voor eenieder bevattelijk is. Van al mijne perceelen heb ik wettelijke bewijsstukken door een notaris opgemaakt. Uwen notaris kan van mij dan ook niet meer verlangen, dan dat ik een overdracht teeken, die overeenkomt met den inhoud mijner stukken. Z Ed moet dus niet beginnen met een opeenhooping van notarieele en juridische termen op papier te zetten, dat kan misschien gewoonte zijn bij het transport v/e huis in Amstd., maar voor perceelen in de hei is dit niet gewenscht. Voor het gemak heb ik ieder stuk een nummer gegeven, er zijn er 13 in getal met vermelding der respectieve nummers sectie & grootte die daarin voorkomen. Het zou mij aangenaam zijn dezer dagen bericht te ontvangen dat u met mijn schrijven van 17 sept '26 accoord gaat. Ik zal u dan voor het titel onderzoek mijne stukken aan u opzenden. <br> A propos, ik hoor zoo niets van de jachtvergunning op Westloon. Gaarne wil ik u met een mooien haas verrassen, is privé adres gewenscht?'<br><br> Van Tienhoven aan Mombers, Amsterdam 21 september 1926:<br><br> 'Ik ontving Uw brieven van 17 en 20 dezer in goede orde en het doet mij genoegen te ervaren, dat wij in U iemand kunnen zien, die belangstelling heeft voor het behoud van de Natuur, en op aangename wijze met ons een en ander in orde wil maken.<br> U moet ons echter ten goede houden, dat wij niet te veel tegelijk moeten omhalen, want wij, die niet zoo goed bekend zijn met de nummers en ligging der perceelen, zijn niet in staat om alles van papier te begrijpen, zonder dat wij een en ander ter plaatse hebben opgenomen. U moet dus ook verder geen stappen doen om losse perceeltjes aan te koopen, alvoorens wij wederom gelegenheid hebben gehad met U op het terrein alles na te gaan.<br> Wij komen dus terug en willen eerst behandelen mijn brief d.d. 3 September, waarop U ons antwoord zond met Uw schrijven van 17 September en nu gelooven wij, dat er bij U eenig misverstand bestaat, daar wij ons Bestuur hebben voorgelegd Uw aanbod om 51 H.A. te koopen tegen den prijs van ’ 20.000,- en daaronder was begrepen het bouwterreintje, als door U bedoeld, dat, naar het ons voorkomt, den prijs niet mag verhoogen. Ik raad U dus aan over dit kleine verschil heen te stappen en den prijs te laten op ’ 20.000,-, omdat deze prijs oorspronkelijk door U was opgegeven, en uit den aard der zaak lijkt het ons billijk, dat aan onze oude afspraak gevolg wordt gegeven.' <br><br> Van Tienhoven aan Verhoeven, Amsterdam 21 september 1926:<br><br> 'Na het schrijven aan U van 14 dezer schreef de heer Mombers op 17 September en eerlijk gezegd, gaat het mij wel een beetje duizelen, zoodat ik hem heden geschreven heb om eerst den grooten aankoop in orde te maken. Ik geloof goed te doen U de correspondentie te zenden en voeg daarom ook copie van mijn schrijven van 3 September hierbij. Voor de zekerheid voeg ik er ook een kaartje bij, waarop in het perceel 1445 een blauwe kring is weergegeven, hetwelk naar ik meen het bewuste bouwterreintje is. Maar zijn brieven zijn door den omhaal van woorden zoo onduidelijk, dat ik het niet zeker weet. Ik vind het daarom goed, dat ik U op de hoogte breng. Misschien kunt gij de onduidelijkheid oplossen en ik zou gaarne met Uw antwoord hierbijgaande verschillende documenten willen terug ontvangen; omdat ik mij voorstel over de andere perceelen te spreken, als ik in October een dag vrij kan maken om met U en den heer Mombers eens rond te gaan.'<br><br> Verhoeven wist duidelijkheid te brengen. Het perceel sectie en nummer D 1445 was de 'Nieuwe waranda' en de blauwe kring op de kaart een vijver. Het was met ruim 17 ha verreweg het grootste perceel van de 'grooten aankoop' van 51 ha die de Vereniging van Mombers kocht. Deze transactie werd de maanden erna in orde gemaakt. Dat gaf nog wel enig gedoe, te beginnen over de plaats van overdracht. Natuurmonumenten deed aanvankelijk bij voorkeur zaken met haar eigen notaris in Amsterdam. Mombers wilde alleen naar Amsterdam gaan wanneer dat echt noodzakelijk was, iets waar hij niet van overtuigd was. 'U schijnt toch eveneens in te zien, dat een overdracht ter plaatse veel voordeelen heeft. Behalve de gemakkelijke en vlotte afwerking, is dit ook een zekere waarborg voor het rustig bezit daarvan. Men heeft met allerlei slag van menschen te doen en bij eventueele geschillen is de beslissing van dien plaatselijken notaris meestal afdoende.' En duurder hoefde een notaris uit de streek zelf niet te zijn. 'Dezer dagen sprak ik notaris Jansen alhier, lid der Vereen. groot natuurvriend, gaat iederen dag met z'n paardje de hei in. Hij verklaarde zich bereid eventueele overdracht gratis te doen voor de Vereeniging (dus alleen vergoeding onkosten). (...) Een ander punt waaraan Mombers zich stoorde, was het verzoek uit Amsterdam om oude hypothecaire verbanden door te halen en andere in zijn ogen bureaucratische omslag, wat op zijn beurt weer irritatie bij Van Tienhoven opriep.<br><br> <IMG BORDER="0" SRC="aankoop02ajanssen.jpg" width="800" height="462" alt="notaris Janssen met paardje" title="Notaris Janssen met paardje. Bron: Fotocollectie Gemeentearchief Waalwijk." HSPACE="10" align=left></a><br><P style="clear: left;"><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 7 oktober 1926: <br><br> 'Daar u evenwel toch half October in L.o.z. denkt te komen, zoo was het uwerzijds een vriendendienst wanneer u de akte ter teekening meebracht. Een volmacht teeken ik niet, ik wil zien en weten wat er in de akte staat. (...) Mijn kassier is: Heeren W. Timmermans & Zoonen Waalwijk, correspondenten 1ste Klas Ned. Bank.'<br><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 21 oktober 1926:<br><br> 'In de noordbrabantsche hei zijn de laatste 25 jaar nagenoeg alle gronden van eigenaar veranderd. Er zijn gedeelten bij waar nagenoeg stuk voor stuk deze verbanden voorkomen. Het notarisambt zou daar gewoonweg niet uit te oefenen zijn indien dit alles eerst geroyeerd moest worden. Ik wist van het bestaan daarvan totaal niets af. (...) Ik stel mij ten opzichte dezer verbanden niet aansprakelijk en garandeer hieromtrent niets. (...) Ik ben geen vriend van fraaie woorden, maar heb getoond een natuurvriend te zijn in den goeden zin, d.i. metterdaad iets doen wat voor uwe vereeniging nuttig kan zijn, zonder elkaar onnoodig last aan te doen.'<br><br> Van Tienhoven aan Verhoeven, Amsterdam 1 november 1926:<br><br> 'Wederom moet ik U verzoeken om eenigszins anders Uw brieven in te kleeden en niet telkens weer te spreken over de moeilijkheden, die wij in den weg zouden leggen omtrent de inschrijvingen van hypotheken. Het is de plicht en het gebruik, dat als men goederen verkoopt, door den verkooper de hypotheken worden geroyeerd.'<br><br> Begin januari 1927 vond dan eindelijk de overdracht plaats voor de prijs van ’ 20.000,-, zoals afgesproken in het allereerste contact een half jaar eerder. Bij die ene transactie zou het echter niet blijven. Intussen ging Mombers meer en meer optreden als taxateur en aankoper voor de Vereniging. Aan een aankoop ging altijd een taxatie vooraf. Meestal gebeurde dat door twee personen die dan ieder voor zich aan Amsterdam rapport uitbrachten. Het was dan aan de Vereniging om de twee taxaties met elkaar te vergelijken en te besluiten om al dan niet aan te kopen en een aankoper aan te wijzen. Dit laatste was meestal Verhoeven of - en dat zou steeds meer het geval zijn - Mombers, die meestal op de hem typerende bescheiden wijze zijn diensten aanbood er onmiddellijk aan toevoegend dat Verhoeven of iemand anders het net zo goed zou kunnen doen: 'De taxatie van J. Verhoeven weet ik niet, maar gelieve de mijne daarmede te vergelijken. Komen deze vrijwel overeen, dan ben ik bereid deze zaak tot een goed resultaat te brengen, ten minste ik wil het probeeren. Verhoeven kan dit even goed (...). ' Wie als aankoper werd aangewezen kon ook afhangen van de voorkeur van de verkopende partij.<br> Mombers: 'Wat het perceel a/d Roestelberg betreft grenzende a/d bezitting voorheen fa Loeff, zoo heeft van den Hoven aan uwen arbeider v.d. Sanden gezegd, dat ik daarover niet bij hem behoef te komen. Niet dat van den Hoven iets tegen mij heeft, heelemaal niet, maar hij meent misschien met een ander beter te kunnen opschieten, een kwestie van appreciatie dus. Laat hem doen, of in dit geval Verhoeven of ik er heen ga, is precies hetzelfde.' <br><br> Tegelijkertijd bleef Mombers onvermoeibaar pogingen in het werk stellen om de Vereniging ervan te overtuigen dat zij er goed aan zou doen om alles aan weerszijden van de provinciale weg aan haar bezit toe te voegen. Het ging in totaal om ruwweg tweehonderd percelen. Volgens een specificatie die hij naar Natuurmonumenten stuurde stonden daarvan maar liefst honderdvijftig op naam van Mombers zelf. De administratie van zulke grote aantallen - merendeels kleine - percelen gaf het Kadaster veel rompslomp. 'Vanuit het kadaster den Bosch is men begonnen mijn bezitting in groote complexen te verdeelen, zulks ter vereenvoudiging der administratie.' Daarnaast bezat Mombers aan de noord- en de zuidrand van het duingebied verspreid liggende percelen, zoals bij het Schoorstraatse ven; ook die zou de Vereniging het beste van hem kunnen aankopen teneinde ongewenste ontwikkelingen voor altijd onmogelijk te maken. <br><br> <HR SIZE="3" COLOR="purple"><br> <A HREF="aankoop02b1ven.pdf" TARGET="_BLANK">Briefkaart Frans Mombers over aankoop nabij Schoortstraatse ven.</A><br><br> <A HREF="aankoop02b2ven.pdf" TARGET="_BLANK">Vervolg.</A><br><br> <HR SIZE="3" COLOR="purple"> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 8 juli 1927:<br><br> 'Zeer zeker is het wenschelijk U bij gelegenheid de bezittingen onder L.o.z. nog eens komt bezichtigen. Tal van zaken kunnen ter plaatse meer ampel besproken worden. Gesteld uw bezoek in de laatste week dezer maand valt, zoo zal ik deze weken eens speciaal benutten om de perceelen die liggen tusschen de Loonsche Duinen en Westloon mijne volle aandacht te schenken. Ik zal dan zorgen een lijstje klaar te hebben, zoodat u dan meteen uwe orders hieromtrent kunt geven. <br><br> Van Tienhoven aan Mombers, Amsterdam 8 augustus 1927: <br><br> 'Daar zij [Mombers recente correspondentie] de geheele politiek raakte van ons Loon op Zandsche bezit, stelde ik mijn antwoord enkele dagen uit, omdat ik er prijs op stel met U rond te gaan en met u over een en ander mondeling van gedachten te wisselen. Bovendien is het vacantietijd en is de helft van ons personeel buiten kantoor om van de natuur te genieten, doch na half Augustus hoop ik een dag hiervoor te vinden. (...) Ik zou het zeer waardeeren, indien wij ons grootsche werk, dat wij hebben voorgenomen, tot een goed einde kunnen brengen, waarbij wij Uw steun en belangstelling hoogelijk waardeeren.'<br><br> In dat najaar resulteerde hun overleg in een concreet aanbod van Mombers. Hij stelde een lijst op van 13 perceelsnummers, gebaseerd op de nieuwe indeling van het Kadaster, met een totale grootte van 29 ha, waarvan perceel D 1640 met 19.47.60 ha verreweg het grootste was. Het complex lag in de Horst - tussen de ijsbaan, De Breede Steeg en de provinciale weg - in de uiterste noordwesthoek van de Loonse en Drunense Duinen, bij het Kadaster bekend als Oostzijde Efteling. 'Ik ben bereid over den verkoop met U te onderhandelen.' Een paar dagen later voegde hij eraan toe dat vlakbij, aan de Kraanvense straat, een hoeve te koop stond. Vervolgens duurde het nog een half jaar voordat de opname plaatsvond en Mombers zijn prijs bepaalde.<br><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 1 december 1927: <br><br> 'Al de genummerde perceelen zijn mijnen eigendom, die ik natuurlijk bereid ben tegen nader overeen te komen voorwaarden, af te staan. De gronden zijn op een heel klein gedeelte na, allen oud bouwland, de 1/2 eenige jaren geleden gespit en beboscht, de andere helft staan reeds eiken en mastbosschen op. Een en ander is aaneengelegen aan den provincialen weg tegenover Westloon. In die hoeve zou een boschwachter of vaste arbeider voor de vereeniging kunnen wonen. 't Zou met elkaar een schoon bezit worden. Nadere inlichtingen wil ik gaarne verstrekken.'<br><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 1 juni 1928:<br><br> 'Gisteren heb ik de terreinen met Verhoeven en Pijnenburg a/d Duin bezocht. Ook mijn bezit is er van de noord- tot zuidgrens en twee maal dwars, opgenomen. Een gedeelte van de noordzijde van D 1640 bestaat uit bouw & weiland. Vroeger jaren werd dit gevormd door 3 perc. te zamen groot ongev. 1 hectare. In de mobilisatie zijn er nog stukken bouw & weiland bij ontgonnen zoodat de oppervl. thans grooter is. Ik ben genegen dit in verkoop te bepalen op niet meer dan 1 hect. en dit te berekenen à ’ 1000,- of schoon ik dit afzonderlijk voor geen ’ 2000 zou willen afstaan. Voor de overige 28 hectaren zal ik voor u den prijs stellen op gemiddeld ’ 500 per h.a. Het geheele bezit dus, zooals op het kaartje aangegeven tegen nader overeen te komen voorwaarden, voor ’ 15.000.<br> Het zal mij aangenaam zijn u gelegenheid hebt deze maand een & ander persoonlijk te komen bezichtigen. U zult dan zien dat mijnen eigendom behoorlijk in stand gehouden wordt. Voor 1927 is dan ook het saldo aan mijn goed onder L.o.z. ten koste gelegd ’ 6684,09. Hiermede moet voorwaar bij den aankoop ook rekening gehouden worden, dat den grooten arbeid er aan gedaan is.' <br><br> Ook Verhoeven bracht verslag uit van de opname. Volgens hem kwam het bezit van Mombers in aanmerking omdat het aansloot 'met de Duin'. De twaalf percelen, bestaande uit 1,5 ha gras, 2,5 ha heide, 15 ha met veel opslag en 10 ha met 5-jarig goed groeiend dennenbos, taxeerde hij op ’ 14.625,-. Daarna ging het snel. In zijn bezoeksverslag hield Van Tienhoven het op een korte, bijna terloopse aantekening: 'Terrein van Mombers 29 H.A. aangekocht (...).' De prijs werd definitief afgemaakt op ’ 14.850,-; beide partijen hadden dus een beetje water bij de wijn gedaan. Na de koop kreeg Van Tienhoven nog een vaderlijk advies ter bescherming van zijn voormalig bezit tegen 'would-be' jagers.<br><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 23 juni 1928:<br><br> 'Wat de verpachting der jacht betreft wil ik alleen even het volgende aanstippen. Bij uw laatste bezoek hebt U mijne welig groeiende dennenculturen in oogenschouw kunnen nemen. U zult volkomen inzien dat voor een particulier dit heel wat zorg, moeite en kosten met zich brengt om zoo iets tot stand te brengen. Het spreekt vanzelf dat deze bosschen steeds mijne bizondere belangstelling en aantrekkelijkheid zullen behouden. Ik heb nu daarom aan U een beleefd verzoek. Het zou mij n.m. onaangenaam zijn wanneer ik straks 20 à 30 drijvers allen met stokken gewapend daar zoo woest door den dennen zag trekken en deze als 't ware afranselen, om een of ander armzalig konijntje voor de geweren te brengen. Er is niemand die er aan denkt men de boomen wonden slaat. Zooals u weet, leggen een aantal insecten, die voortdurend langs de boomen kruipen bij voorkeur hun eitjes waar den boom beschadigd is. Na de harsuitvloeing boren de kevers en torren zich dáár in den boom en is verloren. Ook de half afgebroken jonge loten, daarvan is de schuld niet altijd op de retinia te schuiven. De duizende hagelkorrels, die in de nieuwe aanplantingen terecht komen, doen er ook geen goed aan. Mijn vriendelijk verzoek is daarom in het jachtcontract te vermelden: Dat de drijvers met hun stokken van planten en boomen moeten afblijven, niet rooken in de bosschen en niet in de bosschen of aanplantingen te schieten.'<br><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 1 augustus 1928: <br><br> 'Naar aanleiding van Uw vertrouwelijk schrijven deel ik u mede, dat er hier 2 families zijn die in besloten kring jagen: de Jhr. Verheyen en de graven d'Oultremont, ook Dr. V. Seters is een gentlemen jager van huis uit. De laatste 25 jaar werden de beste terreinen door rijkgeworden fabrikanten gepacht. Over 't algemeen zijn het would-be jagers die op hun drijfjachten eenige cracks in het schieten voor een daggeld meenemen. De leiding heeft een echten jager van de oude garde, een fijnen speurder die wellicht zijn naam niet kan zetten, maar waarvoor de hei en de duinen een open boek is. (...) Deze inlichtingen eveneens vertrouwelijk.' <br><br> Met inbegrip van enkele kleinere transacties waren nu ruim tachtig ha natuurterreinen van Mombers in handen gekomen van Natuurmonumenten. In totaal was er een bedrag mee gemoeid van bijna ’ 40.000,-, een flinke som, zeker in vergelijking met de andere grote aankopen van Het Orderbosch, Rijn en Gouwe en ook van Le Mire, zoals verderop nog zal worden ontvouwd. Onmiddellijk nadat hij het grootste gedeelte van zijn bezittingen aan de oostzijde van de weg had verkocht, bood Mombers ook het resterende deel aldaar aan Van Tienhoven aan en zorgde er vervolgens voor dat zijn aanbod niet aan diens aandacht ontsnapte. <br><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 10 augustus 1928: <br><br> 'Met de gasleiding oostz. prov. weg tusschen Kaatsh. - L.o.z. is men thans gereed gekomen. Het heeft om te beginnen dit voordeel dat over de geheele lengte de grond is opgegraven en daardoor vanaf den weg zoo goed als brandvrij gemaakt is. De jonge mast heeft dit jaar een mooi beschot gemaakt. Ik heb eens opgenomen hetgeen er van mij nu nog in eigendom aan de oostzijde v/d prov. weg overblijft, dat is mijne bouwhoeve met wei en bouwland, mastbosschen [volgen acht kadastrale nummers]. U kunt deze van mij koopen voor ’ 9000,- vrijblijvend.' <br><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 31 augustus 1928: <br><br> 'Allerlei praatjes van hei aankoop doen de ronde; zoo vertelde men, dat op den Horst eene nieuwe parochie gesticht zal worden en reeds verschillende bouwterreinen zijn aangekocht (op den Horst liggen ook de terreinen door U van mij laatst aangekocht). Met dat al wordt het voor mij niet gemakkelijker de onderhandelingen met de diverse eigenaars tot een aannemelijk resultaat te brengen. Gelukkig is er al heel wat bereikt.'<br><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 13 september 1928: <br><br> '(...) Den laatsten tijd zijn deze gronden belangrijk in waarde gestegen. Aan de oostzijde v/d prov. weg aldaar ligt thans gas, electriciteit en waterleiding en telefoon + fietspad en tram. Het volgende jaar wordt er over het gedeelte Sprang-Tilburg naar men zegt ’ 310.000,- onkosten voor een nieuwen weg gemaakt. Het verkeer is nu al druk maar dan zal het verdubbelen. Het kan niet uitblijven of die gronden worden weldra voor bouwterreinen opgevraagd. Ik zal u van een en ander op de hoogte houden.' <br><br> <IMG BORDER="0" SRC="aankoop02cweg.jpg" width="875" height="415" alt="wegverbeteringsplan" title="wegverbeteringsplan" HSPACE="10" align=left></a><br><P style="clear: left;"><br> In zijn volgende brief - aan Drijver, Van Tienhoven was op reis - gaf Mombers een toelichting bij de overeenkomst die hij had opgesteld met Van Laarhoven, de huurder van zijn bouwhoeve die hij aan de Vereniging te koop had aangeboden. <br><br> Mombers aan Drijver, Waalwijk 22 september 1928: <br><br> 'Wanneer U de kaart van de landstreek Efteling neemt, zal het U opvallen hoe deze gronden tot een groot aantal kleine perceeltjes versnipperd zijn. Dat vindt zijn oorzaak dat er bijna overal een laag bouwgrond aangetroffen wordt van 1/2 tot 1 1/2 meter dik. Eertijds waren er dan ook een aantal boerderijen, deze zijn te niet gegaan, wat voor een groot gedeelte wordt toegeschreven aan de vernieling en vraatzucht der konijnen. Alleen de bouwhoeve bewoond door Van Laarhoven heeft zich niet alleen staande gehouden, maar heeft zich aan de eischen des tijds aangepast. (...)<br> Tenslotte is er nog een reden waarom ik gewacht heb deze huurovereenkomst aan te bieden ter tekening, omrede het waarschijnlijk is dat ook de bouwhoeve bewoond door van Laarhoven, eigendom der vereeniging wordt, en zou een en ander op eene huurovereenkomst kunnen vermeld worden. Ook maak ik u nog opmerkzaam dat van Laarhoven niet kan lezen of schrijven.' <br><br> Van Tienhoven aan Mombers, Amsterdam 1 oktober 1928:<br><br> 'Wat de bouwhoeve betreft, ik zou deze zaak gaarne nog iets willen uitstellen, omdat wij den laatsten tijd al onze aandacht hebben moeten concentreeren op de overdracht de bosschen bij Groesbeek, een oppervlakte van 520 H.A. beslaande. De overdracht zal 3 dezer plaats vinden en wij zijn natuurlijk na zoo'n aderlating wat court d'argent [slecht bij kas]. Maar dat beteekent niet, dat wij de afwikkeling van Uw vriendelijk aanbod voor onbepaalden tijd willen opschorten. Integendeel, ik hoop spoedig eens over te komen, om alles ter plaatse te kunnen opnemen. (...)' <br><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 2 oktober 1928:<br><br> 'Verder schrijft U over mijne bouwhoeve. Daar het waarschijnlijk de laatste overdracht zal zijn, die ik aan de vereeniging doe, zoo wil ik nog een blijk geven van vriendschap en steun a/d Vereeniging, door op den dag v/d overschrijving wanneer dit in 1928 plaats heeft, als donateur toe te treden en eene bijdrage te doen ineens van vijfhonderd gulden. Verder zal ik wat den betaling betreft nog faciliteiten toestaan, omrede u schrijft de kas momenteel à court d'argent is (gelukkig maar, dat deze de eigenschappen van een ténia [lintworm] heeft).' <br><br> Van Tienhoven beloofde Mombers nader voorstel aan het bestuur voor te leggen en op korte termijn definitief te antwoorden. <br><br> Mombers aan Van Tienhoven, Waalwijk 6 november 1928: <br><br> 'De uitgestrekte plantages v/d Vereen. van mij gekocht heb ik gisteren nog eens bezocht. Ze staan er krachtig bij met goede kleur en hebben in het afgeloopen seizoen een mooi schot gedaan. (...)<br> Het zou mij verder aangenaam zijn te vernemen of het Bestuur er mee accoord gaat dat dit jaar mijne bouwhoeve, zooals nader opgegeven in eigendom aan de Vereeniging overgaat voor ’ 8230-.' <br><br> Mombers voegde hieraan toe dat er in Helvoirt een boerderij te koop stond met 7 ha grond, die in 1918 ’ 37.000,- opgebracht had. 'Ik kom dus pas kijken met mijn prijs.' Toch kon hij tevreden zijn; het transport van zijn bouwhoeve zou nog in 1928 plaatsvinden. Drie jaar na zijn eerste aanbieding was daarmee ook het laatste deel van zijn bezit aan de oostzijde van de provinciale weg in handen gekomen van Natuurmonumenten. In totaal was met de 85 ha grond en de opstallen de lieve som van bijna ’ 47.000,- gemoeid geweest. <br><br> Bron: archief Natuurmonumenten (Stadsarchief Amsterdam), tenzij anders vermeld.</p> <p><a href="index.html">Home</a></p> <!-- Start of StatCounter Code --> <script type="text/javascript"> var sc_project=6138950; var sc_invisible=1; var sc_security="901353c3"; </script> <script type="text/javascript" src="http://www.statcounter.com/counter/counter.js"></script><noscript><div class="statcounter"><a title="godaddy hit counter" href="http://www.statcounter.com/godaddy_website_tonight/" target="_blank"><img class="statcounter" src="http://c.statcounter.com/6138950/0/901353c3/1/" alt="godaddy hit counter" ></a></div></noscript> <!-- End of StatCounter Code --> </body> </html>